Pech onderweg
De zomervakantie is voorbij. We hebben de vakantie vrijwel helemaal doorgebracht in Tunesixeb, waar we dit keer weer eens met de auto heen zijn gereisd. De heenreis verliep vlekkeloos. Nauwelijks files en, dankzij de tomtom, eindelijk een keer niet verdwaald in of in de buurt van Milaan. Ook het superdrukke verkeer van Nabeul in de zomer heb ik probleemloos doorstaan. Mis ging het pas helemaal op het laatst, en toen ging het meteen ook goed mis.
Afgelopen vrijdag moesten we vertrekken. El Venizelos, de veerboot die ons naar Genua zou brengen, zou om 12 uur xb4s middags vertrekken en we moesten om 8 uur al aanwezig zijn. Zoals altijd hadden we het de dag voor vertrek erg druk met de laatste aankopen, afscheid nemen van familie en vrienden en al het andere wat nog gedaan moest worden. Ver na middernacht kwamen we thuis van het laatste familiebezoek. We parkeerden de auto bij ons huis, haalden wat spullen van boven die we nog ergens moesten afgeven en legden die in de auto. Nog geen tien minuten nadat we thuis waren gekomen, wilden we weer wegrijden. Helaas werkte de auto niet mee – de motor startte niet meer. Allerlei buurmannen die vanwege de warmte en de Ramadan nog wakker waren, begonnen zich met ons te bemoeien, maar niemand wist de oplossing. Uiteindelijk ging Karim met een van die buurmannen naar een bevriende garagehouder, die helaas wel al bleek te slapen. Ze hebben hem wakker gemaakt en hij wilde wel komen kijken. Na zo'n anderhalf uur kwam hij tot de conclusie dat er waarschijnlijk iets met de brandstofpomp was. Als we tijd hadden, zou hij dat probleem gemakkelijk kunnen verhelpen, zei hij, maar aangezien we de boot moesten halen vertrok hij onverrichterzake, ons achterlatend in een lichte paniek.
Gelukkig herinnerde een van de buurmannen me eraan dat ik kon bellen met onze autoverzekeraar. De alarmcentrale van Univxe9 bleek gelukkig gewoon bemand te zijn en dankzij een heel vriendelijke medewerkster reed er om 6 uur 's morgens een takelwagen de parkeerplaats op. In de tussentijd had ik in grote haast de afwas gedaan en de laatste spullen ingepakt. De auto werd op de takelwagen getrokken en vertrok, samen met Karim, naar La Goulette, de haven van Tunis. Raya en ik bleven achter, in afwachting van de beloofde taxi. Een half uurtje later arriveerde er een luxe personenauto met een keurig geklede chauffeur. Helaas paste zijn rijstijl niet helemaal bij zijn uitstraling. Hij reed net iets te hard en haalde net iets te roekeloos in naar mijn smaak, ook nadat we voorbij een plek waren gekomen waar net een behoorlijk zwaar ongeluk was gebeurd. Desondanks kwamen we allemaal heelhuids aan bij de haven, waar de auto bij het incheckkantoortje van de takelwagen werd gereden. Takelwagen en taxi verdwenen en wij waren weer aan ons lot overgelaten.
Hoewel het pas half acht was, scheen de zon volop en was het al behoorlijk warm en benauwd. We checkten in en ontdekten dat we de auto verder zelf moesten duwen, enkele honderden meters tot aan de boot. Als dat in xe9xe9n ruk had gekund, was dat nog niet zo erg geweest, maar onderweg werden we zeker zes of zeven keer tegengehouden door douaniers en politieagenten die onze paspoorten wilden zien. Een van de laatsten wilde daarnaast onze bagage controleren. Zo'n beetje de helft van onze koffers en tassen moest eruit, en de rest werd grondig gecontroleerd en ingeduwd; er zou maar eens een vluchteling in verstopt kunnen zitten… Tien meter verderop stond een collega die de controle nog eens losjes overdeed.
Bij de ingang van de boot werd ons eerst verteld dat we moesten wachten tot alle andere auto's aan boord waren zodat onze auto er als allerlaatste op kon (en we hem niet van dek naar dek hoefden te duwen). Gelukkig kwam een van de matrozen op het briljante idee dat we er ook wel meteen op konden, zolang we de auto maar helemaal tegen de zijwand aan zetten. Zo gezegd, zo gedaan, dit keer met hulp van drie sterke havenwerkers. Mijn paspoort werd ingenomen om te voorkomen dat we de auto achter zouden laten op de boot of in de haven van Genua. Meteen door naar de receptie voor de sleutel van onze hut, waar we vrijwel de hele reis zijn gebleven om de slapeloze nacht te compenseren. Zo af en toe doken we even op, om wat te eten in het restaurant of wat broodnodige frisse lucht te halen op het dek.
De boot vertrok intussen met anderhalf uur vertraging. Wij maakten ons niet veel zorgen meer, want de Univxe9-medewerkster had ons gerustgesteld met de woorden: "In Genua worden jullie opgewacht door een sleepwagen. Misschien kunnen ze het probleem daar ter plekke repareren en anders slepen ze jullie naar een garage en dan doen ze het daar."
Zaterdagmiddag om een uur of vier kwam de boot eindelijk aan in Genua, met drie uur vertraging. Om twee uur waren alle passagiers al naar de autodekken gestuurd, waar het vreselijk benauwd was, zodat de bemanning alvast de hutten kon schoonmaken. Ik belde meteen de verzekering om door te geven dat we er waren, we keerden de auto om met behulp van een paar matrozen en reden hem van de boot en we posteerden ons in de alweer brandende zon om te wachten op de takelwagen. Die arriveerde na een uurtje, maar kon niets uithalen omdat nog lang niet alle auto's de boot uit waren. De chauffeur lachte ons uit toen we vroegen of hij ons naar een garage zou brengen, want omdat het zaterdag was, was er geen enkele garage open. Hij vertrok en kwam pas een half uur later weer terug. Dit keer moesten we alledrie in de auto blijven zitten terwijl die op de takelwagen werd gesleept (waarna ik pas mijn paspoort terugkreeg) en ook tijdens het rijden. Dat zorgde voor grote hilariteit bij de Italiaanse douanier, die op zijn bureaustoel moest klimmen om onze paspoorten in ontvangst te nemen.
Met veel gehobbel en geschud werden we in een behoorlijk tempo dwars door Genua naar de buitenwijk Bolzaneto gebracht, waar een Fiat-garage stond die ook fungeerde als 'depot' voor auto's die later naar andere garages gebracht moesten worden. Daar was het verhaal hetzelfde: pas maandagochtend zouden we verder geholpen kunnen worden.
De chauffeur en de enige aanwezige medewerker vertrokken zodra we onze handtekening onder het ontvangstformulier hadden gezet en lieten ons in the middle of nowhere achter, zonder ook maar enig idee waar we heen moesten. De verzekering maar weer gebeld. Mijn contactpersoon, die nog steeds erg behulpzaam was maar helaas geen Italiaans sprak, beloofde te gaan googelen naar telefoonnummers van taxicentrales en hotels en belde wat later terug met heel veel nuttige informatie. De centraliste van de eerste taxicentrale die ik belde sprak gelukkig wat Engels, evenals de taxichauffeur die er nog geen vijf minuten later aan kwam. Op ons verzoek werden we naar het centrum van de stad gebracht, waar de chauffeur ons aanwees welke hotels volgens hem wel of niet goed waren. Het eerste hotel dat we probeerden was vol. Het tweede ook, maar daar belde de receptionist voor ons naar een ander hotel in de buurt om voor ons een driepersoonskamer te reserveren.
En zo belandden we in Hotel Vittoria, een charmant oud (1924) hotel midden in het oude centrum van Genua, op loopafstand van alle bezienswaardigheden. Ingecheckt, ons wat opgefrist en naar buiten voor een wandeling langs de haven en een laat diner in een klein restaurantje in de buurt. Heerlijk geslapen en lekker kunnen uitslapen omdat het uitgebreide ontbijtbuffet tot tien uur open was. Het grootste deel van zondagmiddag hebben we gebruikt om de stad te ontdekken, waarbij we erachter kwamen dat Genua een heel mooie oude binnenstad heeft, die op de werelderfgoedlijst van de Unesco staat. Veel pleinen en paleizen, smalle hoge steegjes en heel veel oude huizen die prachtig beschilderd waren. Met blaren op onze voeten van al het lopen en moe en bezweet door de hitte (het was meer dan 35 graden) keerden we uiteindelijk met twee takeaway pizza's en een paar flessen water terug naar onze hotelkamer, waar we de rest van de avond zijn gebleven.
Maandagochtend, gisteren dus, stonden we om half negen weer bij de garage voor de deur. Daar bleek dat de auto per se bij een Ford-garage gerepareerd moest worden (verzekeringsredenen?). De receptioniste, die als enige in de hele garage een paar woordjes Engels sprak, ging voor ons bellen naar de twee Ford-garages in de stad en vertelde ons vervolgens doodleuk dat we minstens een week zouden moeten wachten. Alle garages waren vorige week dicht geweest in verband met de vakantie en hadden daarom een wachtlijst van minimaal een week. Onze lichte paniek keerde weer terug, dus zocht ik maar weer steun bij de verzekering, waar het nu zo druk was dat ik twintig minuten in de wacht moest voordat ik iemand aan de lijn kreeg. Die wilde eerst officieel bericht hebben via de alarmcentrale dat er inderdaad niet op korte termijn iets kon gebeuren. Na drie kwartier belde hij (mijn vorige contactpersoon had blijkbaar alleen maar weekenddienst gehad) terug. Reparatie in Italixeb zou inderdaad veel te lang duren, dus zou hij gaan regelen dat onze auto naar Nederland zou worden gesleept. Helaas zou dat wel ongeveer twee weken gaan duren. Vervangend vervoer kon hij niet voor ons regelen, daarvoor moest ik maar met de reisverzekering bellen.
Bij de (ING-) reisverzekering, die bleek samen te werken met de Anwb, kreeg ik weer een zeer vriendelijke en behulpzame medewerkster aan de telefoon, die achteraf op precies dezelfde dag geboren bleek te zijn als ik. Zij beloofde te gaan zoeken naar een gelijkwaardige huurauto waarmee we terug naar Nederland zouden kunnen rijden en me terug te bellen zodra ze iets had gevonden. Terwijl we daarop zaten te wachtten, werd het twaalf uur en ging de garage dicht. Wij werden zonder pardon in het Italiaans de zaak uitgebonjourd en moesten verder maar buiten wachten, waar geen plek was om te zitten en waar het inmiddels dreigde te gaan regenen.
Na anderhalf uur wachten werden we teruggebeld: in de wijde omgeving van Genua was geen huurauto te vinden die de grens over mocht. Het dichtstbijzijnde verhuurbedrijf waar nog wel een auto stond, lag 200 kilometer verderop. Maar er was een alternatief: we konden ook gaan vliegen, met een overstap in Mxfcnchen. Ik gaf onze paspoortgegevens door en de verzekeringsmedewerkster ging boeken en zou me een sms sturen met de vluchtgegevens. Toen moesten we dus snel onze bagage overpakken: beslissen wat absoluut mee terug moest en wat wel kon achterblijven, en alles wat mee moest in afsluitbare koffers en tassen doen. Na een kwartiertje kreeg ik 12 sms-jes (4 berichten die allemaal driedubbel waren verzonden) met vluchtgegevens. De vlucht naar Mxfcnchen zou om 14:50 uur vertrekken, wat betekende dat we nog maar heel weinig tijd hadden. Snel een taxi gebeld, die er alweer binnen een paar minuten was. Onderweg naar het vliegveld naar Nederland gebeld om onze geplande aankomsttijd door te geven. Ik had de verbinding nog niet verbroken, of ik werd weer door de verzekering gebeld: de sms-jes bleken niet te kloppen, want we waren op een latere vlucht geboekt. We vertrokken nu pas om 18:25 uur en zouden daardoor ook pas veel later in Amsterdam aankomen.
Na 2,5 uur rondhangen op het kleine vliegveld van Genua, waar maar twee winkels, een snackbar en een (gesloten) restaurant waren, konden we om vier uur eindelijk inchecken. Vervolgens moesten we nog wachten tot zes uur voor we konden gaan boarden. We liepen door de gate en daarna een trap af naar het vliegveld, waar ons vliegtuig op ons stond te wachten. Hoewel we een Lufthansa-vlucht hadden, bleken we te vliegen met een vliegtuig van Air Dolomitti. Of beter gezegd een vliegtuigje:
Het toestel had welgeteld 68 stoelen en was zo klein dat het bij de kleinste luchtwervelingen al schudde en trilde. Raya werd er zo luchtziek van dat ze moest overgeven en dat werd er niet beter op toen we boven Mxfcnchen in zwaar weer met erg veel turbulentie terchtkwamen.
In Mxfcnchen hadden we drie kwartier de tijd om over te stappen. Ons vliegtuigje was ergens helemaal aan de rand van het vliegveld blijven staan, dus we moesten een minuut of vijf met de bus dwars over het vliegveld rijden om in de transithal te komen. Daar konden we bijna meteen weer boarden. We stapten weer in een bus en reden de hele lange weg weer terug naar precies dezelfde plek, waar twintig meter verderop een iets (maar dan ook echt iets) groter Lufthansa-vliegtuigje met 70 stoelen stond waarmee we naar Amsterdam vlogen. Weer behoorlijk wat turbulentie onderweg, dus weer een misselijke dochter. Bij het uitstappen hield ze het niet meer en ze gaf over op de vliegtuigtrap, waarmee ze de stewardess een hartgrondig "Scheisse!" ontlokte. De kranten die ze er overheen probeerde te leggen waaiden meteen weg in de harde wind, zodat de resterende passagiers halsbrekende toeren moesten uithalen om niet in de rotzooi te trappen. Het was inmiddels bijna half twaalf 's avonds.
Vanaf daar verliep alles verder soepel. Geen douanecontrole, de bagage kwam er meteen aan, de afhalers stonden al te wachten, Raya wist nog een hamburger en frietjes naar binnen te werken en het was redelijk rustig op de weg. Om twee uur 's nachts waren we thuis, na een reis die uiteindelijk bijna vier etmalen had geduurd.
En nu nog wachten op de auto en de rest van onze bagage…
(En in de hoop dat dit alles nog wat goeds oplevert, schrijf ik hier het woord vakantieverhaal.)